
Hoe werkt Haptotherapie?
De haptonomie biedt de unieke mogelijkheid om zowel vanuit de lichamelijke als de psychosociale kant de problemen te benaderen. Haptotherapie laat de cliënt ervaren hoe zijn lichaam reageert op spanning en ontspanning. Ons lichaam kan niet liegen, dus is het belangrijk om naar lichamelijke signalen te leren luisteren en daar ook op te vertrouwen. Haptotherapie bestaat uit de onderstaande 3 onderdelen, te weten:
1. Communicatie (verbaal - en non-verbaal)
Door middel van gesprekken ontstaat in (en ook na) de intakefase inzicht hoe iemand in het leven staat, welke verwachtingen er zijn en waar deze op gebaseerd zijn. Tegelijkertijd ontstaat er inzicht hoe en op welke wijze haptotherapie hieraan een bijdrage kan leveren. De non-verbale communicatie is onder andere gericht op de houding en bewegingen van de cliënt. De wijze waarop iemand hierin zich presenteert naar zijn omgeving geven mede inzicht in de problematiek en de hulpvraag. De non-verbale communicatie en de oefeningen lopen in elkaar over als het om de houding en bewegingen gaat.
2. Oefeningen
Uit de oefeningen komt onder andere naar voren in welke mate er gehandeld wordt op basis van eigen normen en waarden of opgelegde, dan wel meegekregen normen en waarden. Hoe gaat een cliënt om met zijn eigen grenzen? Hoe geeft hij deze aan naar de ander en in welke mate is hij zich hier bewust van? Hoe en op welke wijze maakt hij zich kenbaar ten opzichte van een ander? Door de oefeningen ontstaat bij de cliënt inzicht in welke mate het begrip ruimte een rol speelt. Hij wordt zich bewust van het spanningsveld tussen afstand en nabijheid van een ander en wat dit spanningsveld zegt over hemzelf en de problematiek. Gelijktijdig wordt de cliënt zich bewuster van zijn eigen lichaamstaal en welk aandeel dit heeft in de wisselwerking met zijn omgeving. De oefeningen zijn niet standaard, maar worden ingezet afhankelijk van de persoon, de problematiek en het stadium waarin de therapie zich bevindt.
3. De aanraking
De aanraking is erop gericht de ander bewust te maken van zijn houding en presentie en de samenhang tussen de lichamelijke spanning en emotie. Wie zich laat aanraken, stelt zich kwetsbaar op. Daar is moed voor nodig. De paradox is echter, dat wie zich kwetsbaar opstelt en open is, minder snel gekwetst kan worden, dan iemand die zich krampachtig verbergt. De aanraking kan inzicht geven over de wijze waarop een cliënt in zijn verleden pijn en ongemak uit de weg ging en vaak ongemerkt compenserende spanningen of blokkades heeft opgebouwd. Door situaties te vermijden die onze angst en de daarbij behorende nare gevoelens oproepen, vergroten we juist onze angstgevoelens inclusief de spanning. Door deze angst tegemoet te treden, in ons gevoel toe te laten en er naar te luisteren - eventueel te handelen - zal de spanning doen verlagen. Door de aanraking wordt de betrokkene zich nog bewuster van het verband tussen de lichamelijk gevoelde spanningen en de wijze waarop hij met zijn emoties en gevoelens omgaat. Als dit proces eenmaal in gang gezet is, verandert niet alleen de spierspanning, maar er ontstaat steeds meer ruimte om aan te raken en een algeheel gevoel van 'lekkerder in je vel zitten'.
Degene die deze ervaringen opdoet luistert en vertrouwt weer op zijn gevoelens en intuïtie, zal zich hierdoor sterker gaan voelen en zijn leef- en werkwereld met meer vertrouwen tegemoet treden.
De belangrijkste aandrijfas voor ons gedrag zijn onze gevoelens en emoties